Vet belangrijk, wel of geen liposuctie?

‹ Terug naar overzicht
Geplaatst op:
Vet Belangrijk, Feiten en fabels over voeding, vetverbranding en verborgen dikmakers. Als je dit boek hebt gelezen zul je niet meer zo snel een liposuctie overwegen. Want je kunt dan wel vetcellen laten weghalen en in advertenties horen dat die niet terugkomen: het tegendeel is waar. De vetcellen komen bij de helft van de mensen op een andere plaats terug!

Vet is een belangrijk orgaan. Co-auteur dr. Mariëtte Boon*: “Het is zelfs onmisbaar want het maakt hormonen aan en communiceert met je hersenen. Zo maakt vet het hormoon leptine aan, een belangrijk verzadigingshormoon. Dat zorgt ervoor dat als je genoeg hebt gegeten, je een signaal krijgt dat je niet meer nodig hebt. Vet is daarnaast de belangrijkste brandstof voor de meeste organen.”

Het lichaam kent basaal twee soorten brandstoffen. Hoe zit dat?
“Het gaat om de brandstoffen vet en suiker. Van beide zweeft wat in het bloed en dat spreekt je lijf als eerste aan. Als dat op is, gebruik je je suikervoorraad vanuit glycogeen die in je lever opgeslagen zit. De suiker vanuit glycogeen in spieren wordt vooral voor het sporten gebruikt. Pas als je langer dan drie uur niet gegeten hebt of als je langdurige inspanning levert, komt je lichaamsvet aan bod. Eigenlijk is er nog een derde energievoorraad en dat is de eiwitvoorraad. Die spreek je alleen in geval van nood aan.”

Het verschil tussen buik- en onderhuids vet

U maakt onderscheid tussen buik- en onderhuids vet. Wat is het verschil?
“Het verschil in beide soorten lichaamsvet zit hem niet alleen in de locatie, maar ook in de functie. Zoals de naam al aangeeft, zit buikvet vooral in de buik en wel rond de organen. Heb je daar meer vet (dan heb je een appelfiguur) dan rondom de heupen en bovenbenen (een peerfiguur), dan heb je een hoger risico op onder meer diabetes en op hart- en vaatziekten.”

Hoe kun je het risico daarop verkleinen?
“Als mensen met overgewicht acht kilo vet per jaar verliezen, dan neemt de kans daarop al af. Acht kilo lijkt misschien niet veel, maar de gezondheid verbetert wel aanzienlijk. Dat heeft er eveneens mee te maken dat je dan ook al orgaanvet, zoals in je lever, verliest”

Lastig om af te vallen

Hoe neemt vet in je lijf toe?
“Tot ongeveer je twintigste kunnen vetcellen in aantal toenemen. Daarna wil het lichaam dit aantal constant houden. Dit zogenaamde vetpoint fungeert als een soort thermostaat: het houdt allerlei systemen constant. Boven je twintigste worden de vetcellen groter als je dikker wordt. Daardoor rekken ze uit en de cel wil dat graag zo laten. Dat maakt het lastig om af te vallen.”

Hoe werkt dit ‘vetpoint’ bij liposuctie?
“Hoe het precies werkt weten we nog niet. We vermoeden dat het signaleert dat het aantal vetcellen niet overeenkomt met het oorspronkelijke aantal. Dan kan het lichaam extra vetcellen aanmaken, ook al ben je boven de twintig. En vaak komt vet na een liposuctie terug op plaatsen waar je dat juist niet wilt, zoals op de heupen of de borsten. Die worden soms wel een cupmaat of meer groter. Een paar maanden na een liposuctie hebben mensen gemiddeld genomen ook weer hun oude gewicht.”

Van je buikvet af…

Als je buikvet hebt, is het toch fijn om dat weg te kunnen zuigen?
“Het vervelende is dat je bij een liposuctie met name het lichaamsvet – dat meer oppervlakkig zit en niet per se ongezond voor je is – weghaalt. Dit is het onderhuidse vet. Voor het ongezonde buikvet zou je meer de diepte in moeten, met risico’s als perforatie van ingewanden.”

U ziet extra gevaren bij een liposuctie. Zoals?
“Naast dat het vet elders terug kan komen, is het wel van belang je leefstijl aan te passen. Het is niet verstandig door te gaan met ongezond eten. Dat is niet goed. Leef je ongezond, dan vinden er veel schadelijke veranderingen in je lichaam plaats. Dat voorkom je niet met liposuctie!”

Dan maar (niet) op dieet?

Welk dieet beveelt u aan?
“Er bestaat geen optimaal dieet, want iedereen is anders. In een Amerikaans onderzoek werd een groep mannen en vrouwen met (zwaar) overgewicht in twee groepen verdeeld. Zowel degenen met koolhydraatarme als met het vetarme dieet verloren in een jaar tijd zo’n zes kilo. Er is dus geen ideaal voedingspatroon. Het is vooral aan te raden om zoveel mogelijk onbewerkt voedsel te eten, dus niet uit pakjes en zakjes. Bovendien is het zo dat je (met mate) koolhydraten nodig hebt, onder andere als brandstof voor je hersenen. Het is overigens wel belangrijk dat kinderen niet te dik worden, want als je als jongere overgewicht hebt (gehad), dan is het als volwassene lastiger om slank te worden en te blijven. Dat heeft te maken met het aantal vetcellen waarmee je je volwassen leven ingaat. Een crashdieet werkt trouwens ook niet: het lichaam komt daardoor in een spaarstand waardoor hongerhormonen toenemen en het verzadigingshormoon afneemt en je verbranding ook nog eens trager gaat. Zelfs een jaar later zie je daardoor nog een verstoring van de hormoonhuishouding waardoor je eerder aankomt dan afvalt.”

In uw boek hebt u het over het Engelse woord ‘hanger’. Wat bedoelt u daarmee?
“Het is een samenvoeging van hunger (honger) en anger (woede). Als je langere tijd niet gegeten hebt, daalt je bloedsuikerspiegel. Daardoor worden in het lichaam hormonen afgegeven die ervoor zorgen dat de deze weer stijgt. Dan gaat het onder andere om adrenaline en cortisol. Die kunnen een gevoel van boosheid, irritatie en impulsief gedrag in het brein activeren. Je kunt een suikerdip – en dus een hanger – voorkomen door gezonde producten te eten met complexe koolhydraten, eiwitten en onverzadigde vetten.”

Over Mariëtte Boon

*De gedreven en gepromoveerde arts Mariëtte Boon is al sinds haar studententijd geïnteresseerd in de werking van vet. Zij kon alles eten en bleef slank, terwijl dat bij sommige van haar vriendinnen anders was. Nadat zij als arts was afgestudeerd, startte zij haar promotieonderzoek naar de werking van vet. Dat resulteerde onder andere in het zeer interessante boek ‘Vet Belangrijk, Feiten en fabels over voeding, vetverbranding en verborgen dikmakers’. Daarin kun je lezen hoe vet écht werkt en je leert hoe je slim en effectief een gezond gewicht kunt bereiken en behouden. Zij werkt nu in het Leids Universitair Medisch Centrum en doet onder meer onderzoek naar bruin vet. Co-auteur professor Liesbeth van Rossum werkt als internist-endocrinoloog in het Erasmus MC in Rotterdam en is medeoprichter van het Centrum Gezond Gewicht.

Interview: Lizet van Triet